Things Network: Global IoT van Nederlandse bodem

door Martijn Arets - 3 november 2017

Veel succesverhalen over de digitale transitie hebben twee dingen gemeen. Het zijn software oplossingen die inhaken op een bestaande infrastructuur én ze hebben hun oorsprong in Silicon Valley. Hoe anders is het verhaal Wienke Giezeman en Johan Stokking van The Things Network. In deze editie vertellen zij hoe zij met een open Internet of Things netwerk de wereld aan het veroveren zijn en hoe zij hun model radicaal open gaan gooien met Blockchain. Daarmee laten ze zien waarom je soms als organisatie beter kunt faciliteren en gewoon te doen om te kunnen groeien.

Van idee naar executie in een dag

Op een bijeenkomst bij Hackerspace in Amsterdam komen zakenpartners en vrienden Wienke Giezeman en Johan Stokking voor het eerst in aanraking met de LoRaWAN technologie. Deze ‘Long Range Wide Area Network’ technologie maakt het mogelijk dat met één zender 10.000 apparaten in een straal van 10 kilometer met elkaar kunnen worden verbonden als ‘Internet of Things’ netwerk. Een netwerk waar sensoren met een ongekend laag batterijverbruik in kunnen opereren. De kosten voor één zender: 1.000 euro.


The Things Network

Dit is een verhaal van twee Nederlandse ondernemers die in 6 weken tijd een dekkend en volledig open source Internet of Things netwerk in Amsterdam bouwden. Om hiermee 500 Communities in 90 landen te inspireren om bij te dragen aan hun missie: het realiseren van een wereldwijd crowdsourced open Internet of Things data netwerk. De volgende stap: het lanceren van een eigen hardware lijn en het radicaal open gooien van hun model via blockchain.


Wienke: “We zagen dat deze technologie de mogelijkheid biedt om een gedecentraliseerd Internet of Things datanetwerk te bouwen. Aan het eind van de presentatie nodigden we de aanwezigen uit om de volgende ochtend bij ons op kantoor te komen brainstormen hoe dit te realiseren.” Een dag later wordt het idee geboren om een open netwerk voor Amsterdam te bouwen. Johan dook achter zijn computer om de software te schrijven en Wienke vindt 10 bedrijven, van startups als Peerby tot corporates als KPMG, Deloitte en Havenbedrijf Amsterdam, bereid om een router te kopen én deze op het dak van hun kantoor te plaatsen. Zes weken na de brainstorm op kantoor werd het ‘Things Network’ gelanceerd: een open Internet of Things (IoT) netwerk in Amsterdam. Iets waar de KPN’s van deze wereld al jaren over aan het nadenken waren hadden zij in zes weken tijd gerealiseerd. Niet door te onderzoeken, maar door te doen.

Groeien door te faciliteren

Direct na de lancering ontvingen Wienke en Johan honderden mailtjes van mensen uit IoT over heel de wereld met maar één vraag: “hoe kunnen wij dit zelf doen?”. Wienke: “We beseften ons dat we voor de vraag ‘hoe’ dit te realiseren we veel konden leren van hoe het internet oorspronkelijk is gebouwd. Door de gebruikers zelf te laten investeren in infrastructuur en om vervolgens die infrastructuur met elkaar te laten samenwerken met open protocollen.”. Zij beseften dat door het creëren van deze unieke case de ogen van de wereld op hun waren gericht. Dit bracht een enorme kans met zich mee, maar ook het gevaar om door een stortvloed van aandacht kopje onder te gaan. “Als eerste stap bouwden we een eigen community platform en maakten we documentatie om het voor iedereen laagdrempelig te maken om ons succes te repliceren”.

De formule werkt en al snel groeit het aantal actieve communities en komen de eerste user cases uit de community boven drijven. Wienke: “Door ons netwerk open te stellen gingen we van een ‘technology push’ naar een ‘idea push’. De oplossingen uit de community dienen als inspiratie voor andere ontwikkelaars.”

In deze storm van aandacht blijft faciliteren het magische woord. Wienke: “We zijn niet naar 500 communities in 90 landen gegroeid omdat wij zelf aan iedere community support leveren. Wij leveren content en een platform om zelf aan de slag te gaan. We hebben zelfs gemerkt dat hoe meer we helpen, hoe minder duurzaam de community uiteindelijk wordt.” Vragen uit de community worden door leden zelf beantwoord op het platform, waardoor iedere vraag ook direct een contributie wordt. Op die manier lukt het om met minimale middelen een wereldwijde community te besturen. The Things Network wordt ondergebracht in een stichting en vanuit een aparte BV werken intussen 15 medewerkers aan IoT opdrachten van over de hele wereld.

Open versus gesloten

Dat The Things Network vanaf dag één open source was, is niet zozeer een ideële keuze. Wienke: “We waren op zoek naar een model waarmee je snel kunt schalen.

Het unieke zit niet zozeer in de software, maar in de kritische massa. Alleen op die manier kun je een beweging als deze groot maken.

    Als we het netwerk gesloten hadden gehouden, dan waren we nooit groot geworden. De infrastructuur wordt steeds meer een commodity, de community en de use cases zijn hetgeen waar de waarde wordt gecreëerd. De infrastructuur lagen moeten zo open mogelijk zijn, met een totaaloplossing ga je uiteindelijk geld verdienen.”

    Open als middel om een doel te bereiken. Het is duidelijk dat er in Wienke zowel een ondernemer als idealist schuilt. “Ik geloof niet in idealisten die open source doen omdat het een open source project is. Stel je ontdekt iets en je wil een first mover advantage en een goede naam opbouwen, dan is het juist goed om even gesloten te zijn.”

    Naar een volwassen markt

    Dat het netwerk volwassen begint te worden, beseft Wienke wanneer hij hoort dat een Nederlands bedrijf 10.000 apparaten had laten ontwikkelen die ‘hard coded’ aan The Things Network waren verbonden. “Ik had deze partij nog nooit gesproken en was verrast in hun vertrouwen in ons netwerk. Ik heb hen uiteraard gebeld en hun reactie was: ‘jullie zijn vast niet zover gekomen als jullie systeem er de helft van de maand uit ligt’. Dat toonde in mijn beleving dé kracht van het netwerk: werken vanuit vertrouwen en daarna pas het gesprek aangaan over het businessmodel.”

    Een blockchain economie

    Het moment dat commerciële partijen het platform betreden en de user cases grotere proporties aannemen, is voor Wienke en Johan het moment om verder na te denken over de duurzaamheid van het model van het netwerk. Wienke: “Als ik gebruik maak van het netwerk voor een oplossing, dan gaan we een afspraak aan. Dit wordt ook wel ‘peering’ genoemd. Op het moment dat jij heel veel data van mij vraagt en ik weinig van jou, dan betaal jij mij. Dit is alleen zo gedistribueerd, dat wanneer je dit in een systeem gaat vastleggen je zoveel overhead creëert dat het niet werkt.”

    En hier komt blockchain bij kijken. Blockchain kan namelijk één ding, en dat is transacties tussen gevalideerde partijen valideren. “De transactie gaat gebeuren met eigen tokens. Dit is een basis van een blockchain economie die we gaan creëren.”.

    ICO

    Een virtuele munt, gebouwd op de blockchain, lijkt de sleutel naar een duurzaam en werkbaar model voor de gebruikers van The Things Network. Maar naast een virtuele munt om transacties af te rekenen, hebben Wienke en Johan grotere plannen om de virtuele munt te gebruiken om het netwerk een volgende fase in te laten gaan.

    Op dit moment verkennen ze of zij een ICO, een ‘Initial Coin Offering’ kunnen realiseren. Een ICO zien we nu vooral als voorverkoop van eigen valuta van nieuwe initiatieven. Bij de verkoop speculeer je als koper op de mogelijke waardestijging in de toekomst. Je kunt dit zien als een soort van crowdfunding van een nieuw initiatief, maar dan met een eigen virtuele munt. Op dit moment is dit heel lucratief, maar ook een potentiële bubbel. Vaak weet je immers niet of de ondernemers hun ambities ook waar kunnen maken.

    “Waar bij veel ICO’s de waardering een flinke natte vinger is, hebben wij al een reële markt met 500 communities in 90 landen en 1.400 gateways. Ons plan is om een token uitgifte te doen waarin je kunt investeren. Hiermee kunnen we de open source ontwikkeling wordt financieren.”

    Met het geld van de uitgifte zijn de mogelijkheden legio, zoals het belonen van marktmakers die een eerste stad dekken en het sponsoren van sensoren die bijdragen aan een bepaalde niet commerciële behoefte uit de markt. Maar ook het koppelen van gateways aan satellieten om de missie van het wereldwijde open netwerk nog breder uit te kunnen voeren.

    “In die zin hebben we met blockchain een plan en model ontwikkeld om een wereldwijde uitrol te kunnen realiseren.” Door dit met blockchain te doen is het een gedecentraliseerd verhaal waarbij alle bijdragers profiteren van de waarde die het netwerk creëert. Hoe zij dit dit gaan doen, daarmee zijn ze nu druk aan de slag. Weer een mooi voorbeeld van groeien door te faciliteren en gewoon te doen.

    Wil je meer weten over IoT of open source software? Stel je vraag hier!